Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 23 oktober 2012
Alinea 91 Gerechtshof 's-Gravenhage 23 oktober 2012
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 23 oktober 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BY0517.
17. De veertiende grief keert zich ertegen dat de rechtbank niet heeft beslist op de vordering van [appellanten] tot vergoeding van advocaatkosten die gemoeid zijn geweest met het beroep dat zij op grond van artikel 21, onder b, van de AV 1970 hebben ingesteld bij de verenigde vergadering van het Hoogheemraadschap, voorafgaand aan de onderhavige procedure. [appellanten] hebben dit gedeelte van hun vordering ondergebracht in hun vordering tot veroordeling van het Hoogheemraadschap in de proceskosten. Ingevolge artikel 237, eerste lid, Rv wordt de partij die in het ongelijk is gesteld, in de proceskosten van de wederpartij veroordeeld. Aangezien de rechtbank [appellanten] volledig in het ongelijk heeft gesteld, behoefde zij niet uitdrukkelijk te beslissen op hun vordering tot veroordeling van het Hoogheemraadschap in de proceskosten, waaronder zij de hier door hen bedoelde kosten hebben begrepen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d06c80e007362b5372e4c5049f2aa8dd33c3258062c5ef0102e3868cf2f053f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d06c80e007362b5372e4c5049f2aa8dd33c3258062c5ef0102e3868cf2f053f, en de alinea staat in dat document op bytes 29557 tot 30477.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d06c80e007362b5372e4c5049f2aa8dd33c3258062c5ef0102e3868cf2f053f | shasum -a 256