Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 25 mei 2012

Alinea 145 Gerechtshof 's-Gravenhage 25 mei 2012

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 25 mei 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BY8971.

5.5.3. Het gaat in deze zaak niet om het vergaren van gegevens ten behoeve van strafvervolging of het opleggen van verhogingen dan wel boeten, maar om het verkrijgen van bestaande bankgegevens ten behoeve van een juiste belastingheffing, tot het verschaffen van welke gegevens belanghebbende op basis van artikel 47 AWR verplicht is. Van deze verplichting is belanghebbende niet ontslagen, wanneer die gegevens aanleiding kunnen zijn strafvervolging tegen haar te beginnen of kunnen worden gebruikt bij een reeds begonnen criminal charge in de zin van artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM). De omstandigheid dat belanghebbende zich mogelijk reeds als verdachte beschouwde van het doen van een onjuiste aangifte en dat zij mogelijk verwachtte dat haar een boete zou worden opgelegd, brengt niet mee dat zij gerechtigd was niet te voldoen aan het verzoek van de Inspecteur de gegevens te verstrekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb90daa7064a16df90ea74729f78745b8ba2f158728b9cf697cf24862bade770. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb90daa7064a16df90ea74729f78745b8ba2f158728b9cf697cf24862bade770, en de alinea staat in dat document op bytes 49768 tot 50763.