Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 27 november 2012
Alinea 139 Gerechtshof 's-Gravenhage 27 november 2012
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 27 november 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BY9821.
66. Het hof overweegt als volgt. Het had op de weg van [broer A] gelegen te preciseren waarom er sprake is van een schending van artikel 6 EVRM doordat de rechtbank hem niet in de gelegenheid zou hebben gesteld tegenbewijs te leveren. In de appelprocedure heeft [broer A] bovendien alle gelegenheid gehad om mogelijke procedurefouten in eerste aanleg te herstellen. [Broer A] had in hoger beroep een aanbod tot het leveren van aanvullend (tegen)bewijs kunnen doen. Deze grief kan hem niet baten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aa61e2ff572f17dc7a05a7b72b0837eacd824bb492e857ec1169337d3253814. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aa61e2ff572f17dc7a05a7b72b0837eacd824bb492e857ec1169337d3253814, en de alinea staat in dat document op bytes 37871 tot 38379.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5aa61e2ff572f17dc7a05a7b72b0837eacd824bb492e857ec1169337d3253814 | shasum -a 256