Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18 februari 2000

Alinea 23 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18 februari 2000

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18 februari 2000, ECLI:NL:GHSHE:2000:AD9426.

Van de belangrijkste getuige in de onderhavige strafzaak, genaamd [getuige], zijn een groot aantal verklaringen eerst halverwege de behandeling in hoger beroep overgelegd. Uit die alsnog overgelegde verklaringen is gebleken dat er een selectie heeft plaatsgevonden van de stukken die aan de rechter in eerste aanleg en aan de verdediging in eerste instantie zijn voorgelegd, terwijl -zoals de verdediging ter terechtzitting van 23 juni 1999 heeft betoogd- uit de gang van zaken kan worden opgemaakt dat de officier van justitie ten tijde van het onderzoek in eerste aanleg wel beschikte over die stukken. Door het achterhouden van deze zeer relevante stukken heeft de eerste rechter niet de mogelijkheid gehad de verklaringen van [getuige] te toetsen op het onderdeel van de betrouwbaarheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0183cb298c2a898d892eacacb53962f188fa589e61f6f5e9272334280e3e84a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0183cb298c2a898d892eacacb53962f188fa589e61f6f5e9272334280e3e84a, en de alinea staat in dat document op bytes 5986 tot 6790.