Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 oktober 2001
Alinea 26 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 oktober 2001
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 oktober 2001, ECLI:NL:GHSHE:2001:AD4498.
1.2 Naar het oordeel van het hof berust de bevoegdheid van de officier van justitie tot het sluiten van overeenkomsten met criminelen weliswaar (nog) niet op een specifieke wettelijke grondslag, maar past die bevoegdheid wel in het wettelijk systeem. In de jurisprudentie is die bevoegdheid ook aanvaard. Het bepaalde in artikel 1 van het Wetboek van Strafvordering is mitsdien niet geschonden. Het verweer van de raadsman dat naar geldend recht de rechter bij de totstandkoming van de overeenkomst met een criminele getuige zou moeten worden betrokken vindt geen steun in het recht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d59bf459d61bcbd21929cdc1e41e22ee29378a51f5c6eb9b1de02ceae66e716. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d59bf459d61bcbd21929cdc1e41e22ee29378a51f5c6eb9b1de02ceae66e716, en de alinea staat in dat document op bytes 7996 tot 8592.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5d59bf459d61bcbd21929cdc1e41e22ee29378a51f5c6eb9b1de02ceae66e716 | shasum -a 256