Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 oktober 2001
Alinea 64 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 oktober 2001
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 oktober 2001, ECLI:NL:GHSHE:2001:AD4498.
3.2 Uit de bewijsmiddelen is naar voren gekomen dat de verdachte door [naam mededader] is benaderd om tegen betaling van een geldbedrag het slachtoffer [naam slachtoffer] om het leven te brengen. Dit speelde zich geruime tijd voor [pleegdatum] af. Voorts is komen vast te staan dat de verdachte daarna een aantal personen heeft benaderd om een vuurwapen te verkrijgen. Op [pleegdatum] is het slachtoffer door verdachte doodgeschoten. Op grond van voornoemde omstandigheden acht het hof bewezen dat de verdachte met voorbedachten rade het tenlastegelegde heeft begaan. Ter terechtzitting zijn geen omstandigheden aangevoerd of anderszins aannemelijk geworden die tot een ander oordeel zouden kunnen leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d59bf459d61bcbd21929cdc1e41e22ee29378a51f5c6eb9b1de02ceae66e716. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d59bf459d61bcbd21929cdc1e41e22ee29378a51f5c6eb9b1de02ceae66e716, en de alinea staat in dat document op bytes 21313 tot 22031.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5d59bf459d61bcbd21929cdc1e41e22ee29378a51f5c6eb9b1de02ceae66e716 | shasum -a 256