Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 25 april 2002
Alinea 57 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 25 april 2002
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 25 april 2002, ECLI:NL:GHSHE:2002:AE3740.
Daarbij geldt, aldus de Hoge Raad, een vermoeden van onzakelijk handelen. Er moet van worden uitgegaan dat het samenstel van rechtshandelingen niet heeft plaatsgevonden ten behoeve van de door de dochtervennootschap uitgeoefende onderneming en mitsdien geen zakelijk doel diende, tenzij het tegendeel aannemelijk wordt gemaakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/115186563088a60309891f1fb159eb36f2270482aab027ee82ebe13a8a830471. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 115186563088a60309891f1fb159eb36f2270482aab027ee82ebe13a8a830471, en de alinea staat in dat document op bytes 16728 tot 17069.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/115186563088a60309891f1fb159eb36f2270482aab027ee82ebe13a8a830471 | shasum -a 256