Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 5 december 2002

Alinea 34 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 5 december 2002

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 5 december 2002, ECLI:NL:GHSHE:2002:AF3207.

4.4. Krachtens het bepaalde in artikel 3:316 lid 1 BW wordt de verjaring van een rechtsvordering gestuit door het instellen van een eis, alsmede door iedere andere daad van rechtsvervolging van de zijde van de gerechtigde. De rechtbank heeft terecht overwogen dat het indienen van een vordering ter verificatie dient te worden aangemerkt als een daad van rechtsvervolging (zie MvA II, Parl. Gesch. 3 p. 934). Uit het systeem van de Faillissementswet volgt dat het plaatsen door de curator van een vordering op de lijst van voorlopig erkende concurrente crediteuren aan een aanmelding ter verificatie gelijk moet worden gesteld. Hiermee faalt de tweede grief van [appellant].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c4e4b9aab0070fe32b40c5d119d9a3044300f2956e3dfa1364eba9474f3119d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c4e4b9aab0070fe32b40c5d119d9a3044300f2956e3dfa1364eba9474f3119d7, en de alinea staat in dat document op bytes 10185 tot 10872.