Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29 april 2003
Alinea 47 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29 april 2003
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29 april 2003, ECLI:NL:GHSHE:2003:AF9129.
In het overzichtsartikel van mr. J.A.M. van den Berk (NJB 2 februari 1990, p. 179 e.v.) wordt dan ook geconcludeerd dat in die periode in het administratieve recht met deze vraag wordt "geworsteld" en dat van een vaste lijn in jurisprudentie of literatuur geen sprake is. Tegenover de uitspraak van de Ktr Amsterdam waar [appellant] zich op beroept (26 april 1983, PRG 1983, 1951 en NJ 1984, 197) staan dan ook andere uitspraken (bijvoorbeeld Ktr Utrecht 22 augustus 1977, NJ 1985, 661; Ktr Enschede 28 februari 1985, NJ 1985, 660; Hof Amsterdam 22 oktober 1987, RSV 1988, 152) waarin wordt geoordeeld dat pas vanaf de datum van (het in kracht van gewijsde gaan van) de beslissing waarbij de uitkering wordt toegekend, sprake is van een opeisbare schuld waarover ingevolge art. 1286 BW (oud) met vrucht wettelijke rente kan worden aangezegd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb010975abaf22466f434d25a109f3994e7184ee1fbba2186af970d0e7c225c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb010975abaf22466f434d25a109f3994e7184ee1fbba2186af970d0e7c225c3, en de alinea staat in dat document op bytes 12867 tot 13721.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fb010975abaf22466f434d25a109f3994e7184ee1fbba2186af970d0e7c225c3 | shasum -a 256