Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 juni 2003
Alinea 93 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 juni 2003
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 juni 2003, ECLI:NL:GHSHE:2003:AI0487.
4.3.2. Belanghebbende heeft in zijn pleitnota zijn beroep verder toegespitst op de stelling, dat belanghebbende voor de handhaving van zijn positie als enig bestuurder van de Stichting afhankelijk werd van de toestemming van zijn kinderen, zodra hij al zijn preferente aandelen A BV verkocht. Op 20 december 1996 hebben de kinderen een verklaring getekend met die toestemming. Voordien hadden zij die, naar belanghebbende stelt, nog niet verleend. Daaraan verbindt belanghebbende rechtstreeks de conclusie dat de aandelen fiscaal niet eerder dan op 20 december 1996 moeten worden geacht te zijn vervreemd. Eerder was het volgens belanghebbende nog te onzeker of de verkoop door kon gaan. De toestemming van de drie zonen vormde voor belanghebbende een voorwaarde.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f0df11653d5b204f9fa6cdfe415e550f8f625a8715c7699ca4965cf7d81e8fe4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f0df11653d5b204f9fa6cdfe415e550f8f625a8715c7699ca4965cf7d81e8fe4, en de alinea staat in dat document op bytes 29070 tot 29847.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f0df11653d5b204f9fa6cdfe415e550f8f625a8715c7699ca4965cf7d81e8fe4 | shasum -a 256