Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 februari 2007

Alinea 86 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 februari 2007

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 februari 2007, ECLI:NL:GHSHE:2007:BA2984.

4.8. Het Hof stelt bij de beoordeling van belanghebbendes onder 4.6 weergegeven stelling voorop dat het HvJ EG in zijn arrest van 25 februari 1999, C-349/96 (CPP), onder meer gepubliceerd als BNB 1999/224, heeft overwogen dat de dienstverrichting waarbij economisch gesproken één dienst wordt verleend, niet kunstmatig uit elkaar moet worden gehaald en dat het van belang is vast te stellen wat de kenmerkende elementen van de betrokken handeling zijn ten einde te bepalen of de belastingplichtige de consument, beschouwd als een modale consument, meerdere, van elkaar te onderscheiden hoofddiensten dan wel één enkele dienst verleent. (In dit verband wijst het Hof tevens op het arrest van HvJ EG van 27 oktober 2005, C-41/04 (Levob), onder meer gepubliceerd in BNB 2006/115.)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ace0bfbd970815ad004beae371ea01da06bded7f3f34e7c57a374cddf0c60c7e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ace0bfbd970815ad004beae371ea01da06bded7f3f34e7c57a374cddf0c60c7e, en de alinea staat in dat document op bytes 24586 tot 25380.