Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 februari 2007
Alinea 95 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 februari 2007
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 februari 2007, ECLI:NL:GHSHE:2007:BA2984.
4.13. Met betrekking tot het bewijsaanbod in de conclusie van repliek, pagina 5, eerste alinea overweegt het Hof, dat dit aanbod niet anders kan worden begrepen dan als een voorwaardelijk bewijsaanbod. Gelet op het arrest van de Hoge Raad der Nederlanden van 17 december 2004, nr 38 831, onder meer gepubliceerd in BNB 2005/152, strookt het niet met het stelsel van de Awb een tussenbeslissing omtrent de bewijslastverdeling of de waardering van het tot dan toe bijgebrachte bewijs te geven en is het Hof, nu het proces geen voor de belanghebbende onverwachte wending heeft gehad, hiertoe niet gehouden. Mede gelet op de omstandigheid dat het Hof de belanghebbende tijdens het onderzoek ter zitting erop heeft gewezen dat zij aan het vorenbedoelde bewijsaanbod gevolg diende te geven en dat zij dat niet heeft gedaan, gaat het Hof aan het bewijsaanbod voorbij.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ace0bfbd970815ad004beae371ea01da06bded7f3f34e7c57a374cddf0c60c7e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ace0bfbd970815ad004beae371ea01da06bded7f3f34e7c57a374cddf0c60c7e, en de alinea staat in dat document op bytes 28644 tot 29518.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ace0bfbd970815ad004beae371ea01da06bded7f3f34e7c57a374cddf0c60c7e | shasum -a 256