Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 26 augustus 2011
Alinea 39 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 26 augustus 2011
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 26 augustus 2011, ECLI:NL:GHSHE:2011:BU2913.
4.5. Bij de beoordeling van belanghebbendes grief moet worden vooropgesteld dat artikel 26 IVBPR en artikel 14 EVRM in verbinding met artikel 1 van het Eerste Protocol bij dat verdrag niet iedere ongelijke behandeling van gelijke gevallen verbieden, doch alleen die welke als discriminatie moet worden beschouwd omdat een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor de ongelijke behandeling ontbreekt. Daarbij verdient opmerking dat op fiscaal gebied aan de wetgever en aan de verdragsluitende staten een ruime beoordelingsvrijheid toekomt bij het beantwoorden van de vraag of gevallen voor de toepassing van de bedoelde verdragsbepalingen als gelijk moeten worden beschouwd, en in het bevestigende geval, of een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat om die gevallen niettemin in verschillende zin te regelen. Daarbij dient het oordeel van de wetgever en van de verdragsluitende staten te worden geëerbiedigd, tenzij dat van redelijke grond is ontbloot.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c41198db0c7321689a20f152d83a94f8628edb8809c8afb216d087f0315b83f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c41198db0c7321689a20f152d83a94f8628edb8809c8afb216d087f0315b83f, en de alinea staat in dat document op bytes 12368 tot 13346.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0c41198db0c7321689a20f152d83a94f8628edb8809c8afb216d087f0315b83f | shasum -a 256