Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 november 2011

Alinea 49 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 november 2011

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 november 2011, ECLI:NL:GHSHE:2011:BV2177.

4.4. Het waarderingsvoorschrift zoals neergelegd in artikel 17, tweede lid, van Wet WOZ bevat twee ficties. Enerzijds wordt verondersteld dat de volle en onbezwaarde eigendom van de onroerende zaak zou kunnen worden overgedragen en anderzijds dat de verkrijger de onroerende zaak in de staat waarin deze zich bevindt, onmiddellijk en in volle omvang in gebruik zou kunnen nemen. Er wordt bij de waardebepaling dus van een overdrachtsfictie en van een verkrijgingsfictie uitgegaan. De eerstgenoemde fictie veronderstelt een overdracht van volle en onbezwaarde eigendom, ook al zou in werkelijkheid op de onroerende zaak een recht van erfpacht of van vruchtgebruik rusten. De verkrijgingsfictie veronderstelt een vrije opleverbaarheid van de onroerende zaak. Met omstandigheden die daarop inbreuk plegen te maken, zoals het bewoond, verhuurd of verpacht zijn van de onroerende zaak, wordt geen rekening gehouden. De ficties moeten bewerkstelligen dat de te hanteren waarde in sterke mate wordt geobjectiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9332a67e135f337676aac6f879230a29d0dd13231425b4d7694262effeae2378. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9332a67e135f337676aac6f879230a29d0dd13231425b4d7694262effeae2378, en de alinea staat in dat document op bytes 14648 tot 15668.