Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 12 april 2011

Alinea 85 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 12 april 2011

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 12 april 2011, ECLI:NL:GHSHE:2011:BY8749.

4.9.1. Het hof is van oordeel dat de door [appellanten] c.s. betaalde koopsom in elk geval (op de overige schadeposten komt het hof hierna in r.o. 4.11.1 en 4.11.2 terug) als door hen als gevolg van de door [geintimeerde sub 4.]en [geintimeerde sub 1.] gepleegde onrechtmatige daad geleden schade voor vergoeding in aanmerking komt. Naar het oordeel van het hof kan als vaststaand worden aangenomen dat [appellanten] c.s. niet tot het aangaan van de respectieve koopovereenkomsten en betaling van de koopsom zouden zijn overgegaan indien [geintimeerde sub 4.]en [geintimeerde sub 1.] zelf nader onderzoek zouden hebben verricht naar de mogelijkheid van bouw ter plaatse, en daarover – alsmede over de dreigende afbraakplicht – [appellanten] c.s. juist zouden hebben geïnformeerd c.q. geadviseerd. Deze schade dient dan ook naar het oordeel van het hof, gelet op de ernst van het aan [geintimeerde sub 4.]en [geintimeerde sub 1.] te maken verwijt, in redelijkheid aan hen te worden toegerekend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/29fbb03f895bad77f1173ff15e160428ea7cf54bc0081b8882aece753e3a4d5f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 29fbb03f895bad77f1173ff15e160428ea7cf54bc0081b8882aece753e3a4d5f, en de alinea staat in dat document op bytes 38141 tot 39154.