Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 mei 2012

Alinea 45 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 mei 2012

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 mei 2012, ECLI:NL:GHSHE:2012:BW6304.

9.3.2. Ingevolge artikel 5:73 lid 1 BW worden de inhoud van een erfdienstbaarheid en de wijze van uitoefening bepaald door de akte van vestiging en, voor zover in die akte regelen daaromtrent ontbreken, door de plaatselijke gewoonte. Bij de uitleg van de akte komt het aan op de daarin tot uitdrukking gebrachte partijbedoeling, die moet worden afgeleid uit de in die akte gebezigde bewoordingen, uit te leggen naar objectieve maatstaven in het licht van de gehele inhoud van de akte (HR 13 juni 2003, NJ 2004, 251, HR 2 december 2005, NJ 2007, 5 en HR 22 oktober 2010, NJ 2011, 111). Aan de intenties van degenen die het recht hebben gevestigd moet bij het bepalen van de inhoud in beginsel voorbij worden gegaan. Alleen in geval van twijfel over de inhoud van de erfdienstbaarheid moet de omstandigheid dat de erfdienstbaarheid te goeder trouw geruime tijd zonder tegenspraak op een bepaalde wijze is uitgeoefend beslissend worden geacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2aaa83c8da554a9e14fb4ce9bc639725eff992cf9308cdfe4825c42d32738b80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2aaa83c8da554a9e14fb4ce9bc639725eff992cf9308cdfe4825c42d32738b80, en de alinea staat in dat document op bytes 13964 tot 14918.