Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 september 2013
Alinea 69 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 september 2013
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 september 2013, ECLI:NL:GHSHE:2013:4100.
Met het beroep op ‘Salduz’ verwijst de raadsman kennelijk naar het arrest HR 30 juni 2009, NJ 2009, 349. In dit arrest overweegt de Hoge Raad “dat een verdachte die door de politie is aangehouden, aan art. 6 EVRM een aanspraak op rechtsbijstand kan ontlenen die inhoudt dat hem de gelegenheid wordt geboden om voorafgaand aan het verhoor door de politie aangaande zijn betrokkenheid bij een strafbaar feit een advocaat te raadplegen” en “dat de aangehouden verdachte vóór de aanvang van het eerste verhoor dient te worden gewezen op zijn recht op raadpleging van een advocaat” (rov. 2.5). Indien deze vormen worden verzuimd, moet dit volgens de Hoge Raad in de regel “leiden tot uitsluiting van het bewijs van de verklaringen van de verdachte die zijn afgelegd voordat hij een advocaat kon raadplegen” (rov. 2.7.2; tevens aangehaald in het onderhavige terugwijzingarrest van de Hoge Raad in rov. 2.4.4.). De raadsman heeft zich tevens op het standpunt gesteld dat de uitsluiting van het bewijs tevens dient te gelden voor de verklaring afgelegd door [medeverdachte].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fabe27b4d7950429fc97c2db1038547a8b7484ac3ebd4fe40167109c65b95270. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fabe27b4d7950429fc97c2db1038547a8b7484ac3ebd4fe40167109c65b95270, en de alinea staat in dat document op bytes 27389 tot 28487.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fabe27b4d7950429fc97c2db1038547a8b7484ac3ebd4fe40167109c65b95270 | shasum -a 256