Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 mei 2014

Onder 3.6. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 mei 2014

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 mei 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:1501.

Wat de juridische argumenten betreft, stelt [appellante] zich in de eerste plaats op het standpunt dat het rolreglement geen recht is in de zin van artikel 79 RO, omdat daarvoor vereist is dat het procesreglement is vastgesteld door een orgaan dat daartoe de bevoegdheid heeft. Welke organen daartoe bevoegd zijn, is volgens [appellante] niet geregeld en daarmee onduidelijk. Volgens [appellante] heeft de wetgever met artikel 35 Rv, in werking getreden per 1 januari 2002, beoogd de bevoegdheid tot het maken van procesreglementen over te hevelen van het niveau van de individuele gerechten naar het landelijk niveau. Uitgaande van deze bedoeling van de wetgever is het zeer de vraag of het gerechtshof nog wel de bevoegdheid heeft om een eigen – afwijkend – reglement te maken. De rolraadsheer had aldus de landelijk geldende regelen moeten toepassen en daarvan uitgaande was geen plaats voor het verlenen van de akte niet-dienen, aldus [appellante].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eaeb0983083ccb993005d76c397717d19440868b5171cf7a4ce10c213084421c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eaeb0983083ccb993005d76c397717d19440868b5171cf7a4ce10c213084421c, en de alinea staat in dat document op bytes 13917 tot 14886.