Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 juli 2014
Onder 4.9.4. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 juli 2014
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 juli 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:2213.
Ingevolge vaste rechtspraak van de Hoge Raad is het handelen met iemand terwijl men weet dat deze laatste door dat handelen een door hem met een derde gesloten overeenkomst schendt, op zichzelf jegens die derde niet onrechtmatig. Van onrechtmatigheid is pas sprake indien die aangesproken partij weet of behoort te weten dat zijn wederpartij door het sluiten van de desbetreffende overeenkomst, kort gezegd, wanprestatie pleegt jegens een derde, en bovendien sprake is van bijkomende omstandigheden (zie o.a. HR 26 januari 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ1084 en vgl. HR 28 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:740).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/47bc5e3daf9421a806c9d71d1a3289b13adb82413e987300485dc7db0a341e00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 47bc5e3daf9421a806c9d71d1a3289b13adb82413e987300485dc7db0a341e00, en de alinea staat in dat document op bytes 30744 tot 31357.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/47bc5e3daf9421a806c9d71d1a3289b13adb82413e987300485dc7db0a341e00 | shasum -a 256