Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 19 augustus 2014

Onder 7.3. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 19 augustus 2014

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 19 augustus 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:2811.

Het hof is van oordeel dat de rechtbank terecht en op goede gronden heeft geoordeeld dat voorshands voldoende aannemelijk is geworden dat tussen de moeder van [de meerderjarige] en de heer [de stiefvader] (mondeling) een overeenkomst tot levensonderhoud tot stand is gekomen, op grond waarvan de heer [de stiefvader] zich jegens [de meerderjarige] heeft verbonden om gedurende zijn studie een bijdrage te betalen van in aanvang in ieder geval € 450,- per maand. Voorts kan naar het oordeel van het hof voorshands worden aangenomen dat daarbij 1 augustus 2014, dan wel 31 juli 2014 als einddatum geldt, aangezien de heer [de stiefvader] de bijdrage is gaan betalen met ingang van 1 september 2010 en de studie van [de meerderjarige] zich (minimaal) uitstrekt over een periode van vier jaar.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a25fe5bfa00156837ff0988af8c306633a2608e80ac937e5397359d2ceb34463. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a25fe5bfa00156837ff0988af8c306633a2608e80ac937e5397359d2ceb34463, en de alinea staat in dat document op bytes 11693 tot 12498.