Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 maart 2014

Alinea 414 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 maart 2014

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4 maart 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:567.

Alvorens in te gaan op de vraag of sprake was van een redelijk vermoeden van schuld stelt het hof op grond van het hiervoor onder A1 en A2 weergegevene vast dat verdachte, die als bewoner van de woning [adres] kan worden aangemerkt, op 8 maart 2009 toestemming heeft gegeven tot doorzoeking van deze woning. Aldus is de woning met toestemming van verdachte doorzocht en zijn de daarbij inbeslaggenomen zaken rechtmatig verkregen. is reeds om die reden geen sprake van een vormverzuim, zodat het bepaalde bij artikel 359a Sv toepassing mist.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d151cdde2d325a7f83dbb5f002a6b395a80ad464fd2bba44183619419434524. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d151cdde2d325a7f83dbb5f002a6b395a80ad464fd2bba44183619419434524, en de alinea staat in dat document op bytes 70427 tot 71054.