Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 28 oktober 2015

Onder 03.25 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 28 oktober 2015

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 28 oktober 2015, ECLI:NL:GHSHE:2015:4354.

U houdt mij EXA/DOC/13 voor (een afdruk van dit stuk wordt aan dit proces-verbaal gehecht, bestaande uit twee pagina’s) (hof: dit betreft het briefje waarop staat geschreven: [bedrijf X] , mr. [betrokkene 2] . [adres bedrijf X] , Brookvale, NSW Australia, [faxnummer 1] [telefoonnummer 1] ). U vraagt mij of dit briefje mij iets zegt. Ik ken de namen en ken het geschreven adres. U vraagt mij of dit een adres is wat door mij is gebruikt. Het is het adres van een fabriek. Mijn vader had mij geld gegeven om die fabriek te huren. Dat geld heeft mijn vader in Nederland aan mij gegeven toen ik wegging, terug naar Australië.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f9e4e4193a6b92f58d797e5a57a47d69123f9bdfece7e3ae442b0f24c1c0671. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f9e4e4193a6b92f58d797e5a57a47d69123f9bdfece7e3ae442b0f24c1c0671, en de alinea staat in dat document op bytes 54575 tot 55214.