Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 april 2016

Onder 3.7.5. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 april 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14 april 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:1452.

De man stelt in grief 4 dat de rechtbank ten onrechte de vrouw niet heeft veroordeeld om de bankafschriften over de maanden oktober en november 2013 van de bankrekening met nummer [bankrekeningnummer] ten name van de heer [partner van geintimeerde] in het geding te brengen. Daartoe voert hij het volgende aan. Zoals blijkt uit productie 15, meldt de koper dat het bedrag dat zij voor [paard 3] heeft betaald overgemaakt is naar de rekening met nummer [bankrekeningnummer] . De simpele opmerking van de vrouw dat het bedrag niet op deze rekening gestort is en dat de man bovendien niets met deze rekening van doen heeft kan en mag er niet toe leiden dat de vrouw gevrijwaard wordt van het overleggen van deze bankafschriften.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/157bd394ff7e29366846cc6214098550453f803c8169f83749af541a1078f318. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 157bd394ff7e29366846cc6214098550453f803c8169f83749af541a1078f318, en de alinea staat in dat document op bytes 26292 tot 27031.