Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 10 maart 2016
Alinea 57 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 10 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 10 maart 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:1544.
Het redelijk vermoeden van schuld dat als basis heeft gediend voor de afgifte van de machtiging doorzoeking dient te worden beoordeeld aan de hand van feiten en omstandigheden die op het moment van de doorzoeking bekend waren. Naar het oordeel van het hof kon de officier van justitie op basis van de hiervoor weergegeven informatie van de observaties en peilbakengegevens het redelijk vermoeden hebben dat op het terrein van verdachte de Opiumwet werd overtreden. Dit is voldoende grond om op basis van art. 9 Opiumwet een doorzoeking te laten plaatsvinden. Er was derhalve geen sprake van een onrechtmatige doorzoeking.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4cf3dfcb76e6c01d6fa3a744eab1abf9e63eda3b547445f399057a20d2a9a0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4cf3dfcb76e6c01d6fa3a744eab1abf9e63eda3b547445f399057a20d2a9a0e, en de alinea staat in dat document op bytes 18425 tot 19059.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b4cf3dfcb76e6c01d6fa3a744eab1abf9e63eda3b547445f399057a20d2a9a0e | shasum -a 256