Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 mei 2016

Onder 3.5.7. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 mei 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 mei 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:1746.

Op grond van het bepaalde in artikel 33 aanhef en onder c sub 1 van de Wck (oud) kan in geval van wanbetaling enkel rechtsgeldig door de kredietgever worden bedongen dat het uitstaande saldo bij een kredietovereenkomst als hier aan de orde ineens kan worden opgeëist indien de kredietnemer, die gedurende ten minste twee maanden achterstallig is in de betaling van een vervallen termijnbedrag, na in gebreke te zijn gesteld, nalatig blijft in de nakoming van zijn verplichtingen. Voorschotbank heeft kennelijk conform deze bepaling met [geïntimeerde] gecontracteerd, hetgeen blijkt uit artikel 7 aanhef en sub a van de van toepassing zijnde algemene voorwaarden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/498d71d24f72a30375279d7a84ea7251dab250f50cc4e72de4af916e7440b2c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 498d71d24f72a30375279d7a84ea7251dab250f50cc4e72de4af916e7440b2c6, en de alinea staat in dat document op bytes 20310 tot 20987.