Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17 mei 2016

Onder 3.11. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17 mei 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17 mei 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:1957.

Het hof oordeelt hierover als volgt. Op de door [Designs] in de verzetprocedure ingestelde incidentele vordering tot schorsing van de executie van het verstekvonnis is nog niet door de bodemrechter beslist. Er is ook nog geen datum voor die uitspraak bepaald. In de verzetprocedure gelden andere processuele regels en worden langere termijnen voor het verrichten van proceshandelingen gegund dan in een kortgedingprocedure. Dat [Designs] in de bodemprocedure al schorsing van de executie van het verstekvonnis vordert, laat daarom onverlet dat [Designs] een spoedeisend belang kan hebben bij een uitspraak van de voorzieningenrechter over dezelfde vordering in afwachting van de beslissing van de bodemrechter over diezelfde vordering. Zoals hiervoor is overwogen, is het hof van oordeel dat dat spoedeisend belang in dit geval daadwerkelijk aanwezig is. Dit brengt mee dat [Designs] recht en belang heeft om naast de incidentele vordering in de bodemprocedure een voorlopige voorziening in kort geding te vorderen. Op grond van artikel 254 lid 1 Rv -waarin is bepaald dat de voorzieningenrechter bevoegd is in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening bij voorraad wordt vereist- is [Designs] dan ook ontvankelijk in dit hoger beroep.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/caa172a40547c7645575ab1ab0bf07eb68fa89f3332f01f8096cd6c89bd4c456. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt caa172a40547c7645575ab1ab0bf07eb68fa89f3332f01f8096cd6c89bd4c456, en de alinea staat in dat document op bytes 22961 tot 24264.