Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 20 mei 2016

Onder 3.2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 20 mei 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 20 mei 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:2002.

De geheimhoudingskamer stelt voorop dat de Inspecteur op grond van artikel 8:42, eerste lid, van de Awb is gehouden de op de zaak betrekking hebbende stukken aan het Hof te zenden. Uit de arresten van de Hoge Raad van 25 april 2008, nrs. 43448 en 43791, ECLI:NL:HR:2008:BA3823 en ECLI:NL:HR:2008:BB5868 en van 15 november 2013, nr. 12/0606, ECLI:NL:HR:2013:1129, volgt dat dit stukken zijn die in zijn zaak van enig belang kunnen zijn geweest voor de besluitvorming door de Inspecteur dan wel (zie Hof ’s-Hertogenbosch 9 oktober 2014, 13/00842-GHK, ECLI:NL:GHSHE:2014:4205) die van enig belang kunnen zijn voor de besluitvorming door de belastingrechter.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3427c9ef545fca4566f7be2291d94a227f770cdb76413a55413a9f61652f696b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3427c9ef545fca4566f7be2291d94a227f770cdb76413a55413a9f61652f696b, en de alinea staat in dat document op bytes 42177 tot 42846.