Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 juni 2016

Onder 3.18. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 juni 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 juni 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:2161.

[Theatres] heeft primair ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [verweerder] verzocht op grond van artikel 7:671b lid 1 jo. 7:669 lid 3 aanhef en onder e BW. Het hof is van oordeel dat de kantonrechter dit verzoek terecht heeft afgewezen. Uit hetgeen het hof hierboven onder 3.11 tot en met 3.14 heeft overwogen, volgt dat er geen sprake is van een verwijtbaar handelen of nalaten van [verweerder] , zodanig dat van [Theatres] in redelijkheid niet gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. [verweerder] hoefde niet te begrijpen dat [Theatres] de PET flessen met statiegeld als haar eigendom beschouwde en dat hij door deze mee te nemen en het statiegeld toe te eigenen de regels van [Theatres] ten aanzien van statiegeldflessen overtrad.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9619e2d9d5c647e9ac74ffefd307736f51acb2533e0a551881f68d5b42d2fab8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9619e2d9d5c647e9ac74ffefd307736f51acb2533e0a551881f68d5b42d2fab8, en de alinea staat in dat document op bytes 28306 tot 29091.