Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 7 juni 2016

Onder 7.8.8. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 7 juni 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 7 juni 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:2294.

Dit betekent niet dat de Fondsen geen belang meer hebben bij hun vordering tot verklaring voor recht dat [geïntimeerden] als werkgevers vallen onder de bedrijfstakregelingen en hun vordering tot het verstrekken van gegevens. Deze vorderingen zijn niet zodanig nauw verbonden met de vordering tot betaling van premies etc. dat op deze beide eerstgenoemde vorderingen de verjaringstermijn van artikel 3:308 BW van toepassing is. De bepaling van de werkingssfeer en de verstrekking van gegevens zijn immers niet afhankelijk van de betaling van premies. Nu de wet niet anders bepaalt, is op deze vorderingen de verjaringstermijn van artikel 3:306 BW van toepassing. Deze rechtsvorderingen verjaren door verloop van twintig jaren. De grieven 2 en 4 slagen derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3cf2ddd34247f29047972b28c979dc033df556b41c54aa5c1fdcb3a3ce747423. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3cf2ddd34247f29047972b28c979dc033df556b41c54aa5c1fdcb3a3ce747423, en de alinea staat in dat document op bytes 36598 tot 37372.