Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 februari 2016

Onder 3.15.1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 februari 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 2 februari 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:296.

3.15.2.2. Deze stelling is door [holding] niet eerder in deze procedure betrokken. Op grond van de “in beginsel strakke twee-conclusieregel” geldt in hoger beroep als uitgangspunt dat in de memorie van grieven (dan wel de appeldagvaarding indien daarin de grieven zijn opgenomen) dan wel de memorie van antwoord alle grieven respectievelijk alle verweren moeten worden aangevoerd, en dat daarin ook nieuwe feiten moeten worden gesteld. Dit is anders in geval van ondubbelzinnige toestemming van de wederpartij, wanneer strijd zou ontstaan met de regels van goede procesorde, of indien de bijzondere aard van de procedure daaraan in de weg staat. Gesteld noch gebleken is dat in verband met het deze nieuwe feitelijke grondslag sprake is van een van die uitzonderingen, terwijl evenmin blijkt van ondubbelzinnige toestemming van de curator/Crescendo en de stelling niet is te beschouwen als een nadere uitwerking van de opgeworpen grieven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a272ca2528373963a23efb8592268eb188b325fd5de14f0a0b13fb290d0dd8ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a272ca2528373963a23efb8592268eb188b325fd5de14f0a0b13fb290d0dd8ac, en de alinea staat in dat document op bytes 40943 tot 41899.