Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16 februari 2016

Onder 2.15.6 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16 februari 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16 februari 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:481.

Derhalve zal aan de hand van de Wet van 11 januari 1993 zoals die ten tijde van het handelen van Fortis in oktober 2008 luidde moeten worden beoordeeld of Fortis aan de uit die wet toen voortvloeiende verplichtingen heeft voldaan. Voorshands is het hof van oordeel dat aan de te benoemen deskundige de volgende vragen zullen moeten worden voorgelegd: – welke verplichtingen vloeiden voor een bank toen voort uit deze wet, in het bijzonder de verplichtingen bedoeld in artikel 7 van richtlijn 91/308/EEG zoals geldend in oktober 2008; – welke mogelijkheden had de Cel waaraan gemeld moest worden op dat moment inzake de door de bank gemelde handeling, en op welke wijze de Cel van deze mogelijkheden daadwerkelijk gebruikmaakte, alsook – welke sancties (strafrechtelijk, bestuursrechtelijk en/of civielrechtelijk) bestonden er toen op basis van deze wet jegens een bank die de uit de Wet van 11 januari 1993 toen voortvloeiende verplichtingen niet na kwam.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b55fe4886eabc2f97a02403c425fe2290145f8cf9dc621628d80341c57544cd1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b55fe4886eabc2f97a02403c425fe2290145f8cf9dc621628d80341c57544cd1, en de alinea staat in dat document op bytes 47982 tot 49008.