Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 maart 2016
Onder 7.1.2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 maart 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:887.
HSK is voorts van mening dat [geïntimeerde] , als aanvrager van het faillissement, in de kosten dient te worden veroordeeld. [geïntimeerde] is verantwoordelijk en daarmee aansprakelijk voor de - ondeugdelijke - wijze van oproeping door haar advocaat. Ook de Hoge Raad heeft in het arrest van 5 juni 2015 geoordeeld dat dit niet behoorlijk is gebeurd, aldus HSK. [geïntimeerde] had in ieder geval bij het verzet niet mogen persisteren bij haar aanvraag tot faillietverklaring van HSK en had moeten meewerken aan de vernietiging toen dat nog mogelijk was. HSK kan niets worden verweten. Tijdens de tweede mondelinge behandeling wijst HSK nog op het arrest van de Hoge Raad van 11 juni 1982 (ECLI:NL:HR:1982:AG4401), waaruit zou blijken dat in gevallen als de onderhavige de kosten moeten worden afgewenteld op de aanvrager.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed3330d727a36cf547caf2bd3280e1635fc89a877b3a0162dd2d4b15c1805fa1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed3330d727a36cf547caf2bd3280e1635fc89a877b3a0162dd2d4b15c1805fa1, en de alinea staat in dat document op bytes 13415 tot 14254.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ed3330d727a36cf547caf2bd3280e1635fc89a877b3a0162dd2d4b15c1805fa1 | shasum -a 256