Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 maart 2016

Onder 7.2.1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 maart 2016

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 maart 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:887.

Voorts voert [geïntimeerde] aan dat haar bekend is dat diverse crediteuren van HSK op korte termijn opnieuw het faillissement van HSK willen aanvragen. Gezien de enorme schuldenlast van HSK is volgens [geïntimeerde] binnen afzienbare tijd wederom een faillissement van HSK te verwachten. Dus ook om proceseconomische redenen dienen de kosten ten laste van HSK te komen. In dat kader wijst [geïntimeerde] op het arrest van de Hoge Raad van 11 juni 1982 (ECLI:NL:HR:1982:AG4401), waarin is bepaald dat de kosten alsnog ten laste van de schuldenaar komen ingeval de schuldenaar na de vernietiging opnieuw in staat van faillissement wordt verklaard. Tijdens de tweede mondelinge behandeling heeft [geïntimeerde] ter staving van haar stellingen voorts nog naar de uitspraken van de rechtbank Zwolle van 28 april 2004 (ECLI:NL:RBZWO:2004 -naar het hof begrijpt:- AP1413) en van dit hof van 15 januari 2002 (ECLI:NL:GHSHE:2002:AE9804) verwezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed3330d727a36cf547caf2bd3280e1635fc89a877b3a0162dd2d4b15c1805fa1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed3330d727a36cf547caf2bd3280e1635fc89a877b3a0162dd2d4b15c1805fa1, en de alinea staat in dat document op bytes 17400 tot 18357.