Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17 maart 2017
Onder 4.4. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17 maart 2017
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17 maart 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:1074.
Het Hof verwerpt dit standpunt van belanghebbende. Uit de beschikking van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 29 september 2010, C-91/10 (VAV-Autovermietung GmbH), ECLI:EU:C:2010:558, punt 26, leidt het Hof af dat ook in een geval van een tijdelijke huurovereenkomst de heffing van BPM geoorloofd is, mits bij de berekening ervan rekening wordt gehouden met de duur van de huurovereenkomst van het voertuig of met het gebruik van het voertuig op het Nederlandse wegennet. De wettelijke regeling voorziet daarin, doordat op grond van artikel 14b, eerste lid, van de Wet BPM de teruggaaf die op de voet van artikel 14a van de Wet BPM kan worden verleend direct mag worden verrekend met de verschuldigde belasting. Aldus wordt feitelijk slechts een zodanig bedrag aan belasting geheven dat overeenstemt met de duur van de huurovereenkomst. De voor dit jaar geldende wettelijke regeling is dan ook – anders dan de wettelijke regeling die aan de orde was in de zaak VAV-Autovermietung GmbH – niet in strijd met de vrijheid van dienstenverkeer.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc73bee9ab4be9095feef65673cf804527ad7acede00d708772e96a09327525f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc73bee9ab4be9095feef65673cf804527ad7acede00d708772e96a09327525f, en de alinea staat in dat document op bytes 17083 tot 18148.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc73bee9ab4be9095feef65673cf804527ad7acede00d708772e96a09327525f | shasum -a 256