Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 26 januari 2017

Alinea 85 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 26 januari 2017

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 26 januari 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:255.

Het hof acht de verklaringen van de getuigen [moeder van verdachte] , [pleegzoon] , [slachtoffer 2] , [dochter 1] en [vriend van dochter 1] , zoals die op 9 juni 2013 bij de politie zijn afgelegd, betrouwbaar. Deze verklaringen zijn kort na het ten laste gelegde afgelegd en stemmen in hoofdlijnen overeen. Weliswaar zijn de getuigen na het voorval nog enige tijd samen in de woning geweest en hebben daar met elkaar gesproken voordat zij door de politie als verdachte werden aangehouden en gescheiden. Echter, dit enkele feit brengt nog niet met zich dat er vanuit gegaan dient te worden dat de getuigen hun verklaringen dientengevolge op elkaar hebben afgestemd. Met de rechtbank acht het hof het, gelet op de bijzonder emotionele gebeurtenissen die zich zojuist in de woning hadden afgespeeld, niet aannemelijk dat de getuigen in de korte tijd dat zij nog samen in die woning waren afspraken hebben gemaakt over de inhoud van hun verklaringen. Voor het hof is voorts niet aannemelijk geworden dat sprake zou zijn van “collaborative storytelling” en dat genoemde verklaringen om die reden van het bewijs moeten worden uitgesloten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/15422aa89c8ac21431d8d5fc628e4a90ce26c9f0efb715f5ded315740d4f8432. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 15422aa89c8ac21431d8d5fc628e4a90ce26c9f0efb715f5ded315740d4f8432, en de alinea staat in dat document op bytes 39197 tot 40346.