Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 februari 2017
Alinea 191 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 februari 2017
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 februari 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:712.
Eerst in april 2014, nadat hij ook in 2006 en 2012 al was aangehouden in verband met een verdenking in deze zaak, heeft [verdachte] zijn zwijgen verbroken en openheid gegeven over de plaats waar de lichamen begraven lagen. Met betrekking tot dat jarenlange zwijgen van verdachte heeft de verdediging aangevoerd dat verdachte uit vrees voor de medeverdachte al die tijd heeft gezwegen. Het hof ziet hierin, zo al juist, geen strafmatigende omstandigheid, nu het immers de eigen keus van verdachte is geweest om zich destijds met de medeverdachte en het criminele milieu in te laten. Daarnaast had verdachte er zelf ook baat bij om te zwijgen gelet op een mogelijke strafrechtelijke vervolging. Dat ook verdachte zich daar van bewust was volgt uit het feit dat hij niet spontaan openheid van zaken heeft gegeven over de plaats waar de lichamen begraven lagen, maar dat hij daar eerst over heeft verklaard nadat hij had gehoord dat [medeverdachte] over het gebeuren had gesproken met een derde en daarbij ook zijn, [verdachte] ’, naam had genoemd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a57ff3f4679257580ea873038d7a7312ef419c192c31a16c87de83dc7a99f1c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a57ff3f4679257580ea873038d7a7312ef419c192c31a16c87de83dc7a99f1c9, en de alinea staat in dat document op bytes 77892 tot 78951.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a57ff3f4679257580ea873038d7a7312ef419c192c31a16c87de83dc7a99f1c9 | shasum -a 256