Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24 juli 2018
Onder 12.16. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24 juli 2018
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24 juli 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:3124.
Volledigheidshalve overweegt het hof nog dat de overige schriftelijke bewijsstukken die zijn overgelegd, bezien met al het voorgaande in onderling verband en samenhang, niet tot een ander oordeel leiden dan dat [appellant zaak 397] en [geintimeerde zaak 411] het tegenbewijs niet hebben geleverd. Dit geldt voor de verklaring van oud werknemer Toonen dat [appellant zaak 397] bij navraag niets bleek te weten van de fax van 10 november 2005 (memorie van grieven in zaak 397, 39; productie 5 bij verzetdagvaarding). Het geldt ook voor de verklaring van [partijgetuige] waarin [appellant zaak 397] en [geintimeerde zaak 411] een vaststelling van de FIOD lezen dat [appellant zaak 397] geen administratie heeft weggehaald (antwoordmemorie na enquête, 43).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0fdb5da579978da1cab38fe6129a0635912297fc9df28947505535a6b8252ce. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0fdb5da579978da1cab38fe6129a0635912297fc9df28947505535a6b8252ce, en de alinea staat in dat document op bytes 31025 tot 31791.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c0fdb5da579978da1cab38fe6129a0635912297fc9df28947505535a6b8252ce | shasum -a 256