Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 15 november 2018
Onder 2.3.2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 15 november 2018
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 15 november 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:4758.
Op grond van artikel 1, lid 2, van de Wet is ter zake van de registratie van een personenauto , motorrijwiel of bestelauto in het kentekenregister bpm verschuldigd. Indien een dergelijk motorrijtuig niet is geregistreerd in het kentekenregister maar feitelijk ter beschikking staat van een in Nederland wonende natuurlijke persoon of gevestigd lichaam, wordt op grond van artikel 1, lid 6, van de Wet bpm verschuldigd ter zake van de aanvang van het gebruik met dat motorrijtuig in Nederland van de weg in de zin van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: de weg). In beide situaties dient bpm op grond van artikel 6 van de Wet op aangifte te worden voldaan, waarbij betaling van de verschuldigde bpm dient te geschieden voordat het desbetreffende motorrijtuig in het kentekenregister op naam is gesteld respectievelijk voordat het gebruik van de weg daarmee aanvangt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4de7d49957d0358abdd2a1a036fc62c3e5b4d75bcf6a208a44dddba875a4f4b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4de7d49957d0358abdd2a1a036fc62c3e5b4d75bcf6a208a44dddba875a4f4b, en de alinea staat in dat document op bytes 20005 tot 20914.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e4de7d49957d0358abdd2a1a036fc62c3e5b4d75bcf6a208a44dddba875a4f4b | shasum -a 256