Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 februari 2018

Onder 6.3.8. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 februari 2018

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27 februari 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:818.

Het moet er daarom voor worden gehouden dat het beheer over de rekeningen bij ABN AMRO Bank met nummer [nummer 1] , bij ABN AMRO Bank met nummer [nummer 2] en bij ABN AMRO Bank met nummer [nummer 3] voorafgaand aan het overlijden van erflaatster met instemming van erflaatster heeft plaatsgevonden. Hieraan doet niet af dat de bankpas behorende bij van rekeningnummer [nummer 1] uitsluitend op naam van [appellant] stond. Evenmin doet aan het voorgaande af hetgeen van de zijde van [geïntimeerde 1] en [geïntimeerde 2] bij pleidooi is gesteld dat [appellant] al de bankpassen van moeder had. [appellant] hoeft over het door hem gevoerde beheer over het vermogen van erflaatster voor zover betrekking hebbend op de rekeningen bij ABN AMRO Bank met nummer [nummer 1] , bij ABN AMRO Bank met nummer [nummer 2] en bij ABN AMRO Bank met nummer [nummer 3] geen rekening en verantwoording af te leggen over de periode vanaf 1 januari 2008 tot en met [datum overlijden] 2011. Grief 1 slaagt. Grief 7 slaagt in zoverre.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6ebcb4cfbfc263939a71d325a225a72bee478f32d558e49707366c1e03d9ed79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6ebcb4cfbfc263939a71d325a225a72bee478f32d558e49707366c1e03d9ed79, en de alinea staat in dat document op bytes 20872 tot 21897.