Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29 januari 2019

Onder 3.1.11. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29 januari 2019

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29 januari 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:385.

10. Een verwijt aan [appellant] voor het slechte functioneren van de systemen kan, vanwege het vorenstaande en gelet op de hierboven aan het slot van r.o. 7 weergegeven conclusie van de deskundige, slechts worden gemaakt voor zover hij verantwoordelijk is te houden voor het door R&R en hemzelf niet onderhouden van de systemen alsmede het niet controleren en aanpakken van de drijflagen. De rechtbank heeft in haar tussenvonnis van 10 december 2008 partijen in de gelegenheid gesteld hun stellingen met betrekking tot het al dan niet gepleegd zijn van onderhoud aan het systeem te [vestigingsplaats 2] te verduidelijken en te documenteren. Uit een naar aanleiding daarvan door R&R geproduceerd stuk blijkt dat [appellant] met haar in 1996 een onderhoudscontract voor onbepaalde tijd heeft gesloten. In tegenstelling tot hetgeen R&R eerder in de procedure had gesteld, blijkt van het verlopen of opgezegd zijn van dit contract niets. Voorts volgt uit de door R&R overgelegde stukken dat R&R nog in 2002 en 2003 onderhoud aan het systeem te [vestigingsplaats 2] heeft verricht. Zij stelt dat in 2002 een lekkage is geconstateerd en dat deze is verholpen. Een eveneens in 2003 ontdekte lekkage is, aldus R&R, niet meer verholpen. Uit het vorenstaande volgt dat onvoldoende aannemelijk is geworden dat [appellant] , zoals R&R eerder had aangevoerd, haar na 18 mei 2000 - tot in 2003 - niet in de gelegenheid heeft gesteld het vereiste onderhoud aan het systeem te verrichten. Met betrekking tot eenzelfde bewering ten aanzien van niet verricht onderhoud vóór genoemde datum, verwijst het hof naar hetgeen ten aanzien van de tweede grief in het incidentele appel is overwogen: gelet op de verklaring van die datum hebben partijen toen hun rechtsbetrekking opnieuw vastgesteld en mocht [appellant] , met inachtneming daarvan, vervolgens aanspraak blijven maken op een deugdelijke werking van het systeem. Onder deze omstandigheden komt R&R geen beroep toe op het door [appellant] (beweerdelijk) voor genoemde datum door R&R niet doen verrichten van onderhoud. Dat [appellant] het van hem te verlangen persoonlijk onderhoud aan de installatie te [vestigingsplaats 2] zou hebben verwaarloosd, heeft R&R onvoldoende geconcretiseerd en onderbouwd, behoudens hetgeen nog over het niet verwijderen van de drijflagen zal worden opgemerkt. Voor zover [appellant] het logboek niet goed zou hebben bijgehouden, volgt daaruit nog niet dat hij het van hem te eisen onderhoud aan de installatie zou hebben verzuimd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7ff3df7af336970835e781e8486ecebafa45461c1b7f9ca4daec64022eb2c1c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7ff3df7af336970835e781e8486ecebafa45461c1b7f9ca4daec64022eb2c1c7, en de alinea staat in dat document op bytes 20882 tot 23782.