Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24 maart 2020
Onder 6.22. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24 maart 2020
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24 maart 2020, ECLI:NL:GHSHE:2020:1059.
Uit het vervangen van de bestaande (schijnbaar zieltogende) beplanting in een gemeentelijke groenstrook door andere beplanting waarvoor een voorkeur bestond en door die beplanting te onderhouden, kan naar het oordeel van het hof niet snel een intentie tot het houden voor zichzelf door een niet rechthebbende worden afgeleid. Dat eigenaren, huurders en/of andere gebruikers van belendende privé-percelen dergelijke stroken grond voor eigen nut inzetten en/of deze onderhouden en beplanten ter verhoging van het genot van hun privé-percelen is niet ongebruikelijk en pleegt door gemeentes vaak te worden gedoogd. Enige ondubbelzinnige blijk van pretentie van de niet-rechthebbende om de strook grond voor zichzelf te houden en zich deze toe te eigenen, kan daarin nog niet gelegen worden geacht. Dat de strook grond door de daarop aangebrachte beplanting niet meer zomaar voor een ieder te betreden is en dat de beplanting in de loop der tijd is uitgegroeid tot een manshoge, ondoordringbare en ondoorzichtige haag, maakt dit niet anders. Dat zou ook het geval zijn als de Gemeente zelf daar de haag had geplant. [geintimeerden c.s.] hebben geen andere uiterlijke feiten gesteld die het hof kunnen leiden tot het oordeel dat sprake is geweest van bezit van de strook grond. Het gegeven dat zij bij de aankoop van het perceel op 29 augustus 2001 op grond van de uiterlijke verschijningsvorm van de laurierhaag hebben aangenomen dat deze bij hun tuin behoorde, kan niet tot een ander oordeel leiden. Het enkele feit dat voor de kopers een afscheiding of groenstrook bij de eigen tuin lijkt te horen, hetgeen niet zelden voorkomt, legt in dit verband geen gewicht in de schaal omdat het er bij de vraag of er sprake is van inbezitneming om gaat hoe de Gemeente als eigenaar van de grond de feitelijke situatie heeft moeten begrijpen. Dat de Gemeente rond het jaar 2000 met verschillende buren gebruiksovereenkomsten heeft gesloten, duidt er hooguit op dat de Gemeente toen al doorhad dat er een onduidelijke situatie rond de groenstrook was ontstaan en dat zij daarover toen duidelijkheid heeft willen scheppen. Maar ook het laten ontstaan of voortduren van een onduidelijke situatie is te mager om aan te nemen dat er sprake is van inbezitneming. Daarvoor is, zoals hiervoor is overwogen, nodig dat er sprake is van een niet dubbelzinnige situatie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb83d85a6bc20108e960dc760340aa09bc443544c011418cdda353c25a8e1268. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb83d85a6bc20108e960dc760340aa09bc443544c011418cdda353c25a8e1268, en de alinea staat in dat document op bytes 27377 tot 29773.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb83d85a6bc20108e960dc760340aa09bc443544c011418cdda353c25a8e1268 | shasum -a 256