Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18 juni 2020

Onder 3.1.1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18 juni 2020

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18 juni 2020, ECLI:NL:GHSHE:2020:1883.

In de bestreden beschikking heeft de rechtbank met geen enkele eindbeslissing in het dictum een einde gemaakt aan enig onderdeel van het verzochte. Zoals het hof reeds in zijn brief van 4 juni 2020 als voorshands oordeel heeft gegeven, betreft de beschikking waarvan beroep een zuivere tussenbeschikking, waartegen ingevolge het artikel 358 lid 4 Rv geen tussentijds hoger beroep open staat. Dit zou anders kunnen zijn indien de kantonrechter toestemming zou hebben gegeven om tussentijds appel in te stellen, maar uit de brief van de kantonrechter van 1 mei 2020 (productie i bij het beroepschrift) volgt dat deze toestemming is geweigerd. Partijen zijn in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over het voorlopig oordeel van het hof en hebben daarbij geen inhoudelijke argumenten aangevoerd tegen dit oordeel. [appellant] zal niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen de tussenbeschikking worden verklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e27f2a4d3a8abff6dcd2a5671f4924bc747a86e2b212aa45b4403e9616e2f866. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e27f2a4d3a8abff6dcd2a5671f4924bc747a86e2b212aa45b4403e9616e2f866, en de alinea staat in dat document op bytes 10777 tot 11704.