Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 december 2020
Onder 4.2.2 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 december 2020
Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22 december 2020, ECLI:NL:GHSHE:2020:3973.
Deze onderdelen treffen doel. De rechter dient de hoogte van de dwangsom vast te stellen naar de aard en omstandigheden van het geval, in het bijzonder ook de financiële toestand en het gedrag van de schuldenaar. Tot de omstandigheden van het geval kunnen ook de feitelijke gevolgen behoren die voor de schuldenaar voortvloeien uit het daadwerkelijk verbeuren van dwangsommen. Een en ander geldt onverkort wanneer de appelrechter de hoogte beoordeelt van een in eerste aanleg opgelegde dwangsom, ook voor zover die ziet op het verleden. Dit strookt met het algemene uitgangspunt dat in hoger beroep een nieuwe beoordeling plaatsvindt. Met het voorgaande is niet verenigbaar dat de appelrechter de hoogte van een in eerste aanleg uitgesproken dwangsomveroordeling, ook voor zover die ziet op het verleden, slechts terughoudend zou kunnen toetsen en daarin alleen zou kunnen ingrijpen als in de oorspronkelijke dwangsomveroordeling een aanmerkelijke kans op een exces besloten ligt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f26558eb7571a65188f632c056ca76b790a4230a64ee604dfebec39048db6534. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f26558eb7571a65188f632c056ca76b790a4230a64ee604dfebec39048db6534, en de alinea staat in dat document op bytes 24059 tot 25114.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f26558eb7571a65188f632c056ca76b790a4230a64ee604dfebec39048db6534 | shasum -a 256