Citaat | Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30 maart 2022

Onder 2.16. Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30 maart 2022

Een alinea uit Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30 maart 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1039.

Tijdens het eerste onderzoek ter terechtzitting bij de rechtbank op 24 juni 2020 heeft de inspecteur zich op het standpunt gesteld dat het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard. Gelet hierop heeft de rechtbank bij uitspraak van 26 november 2020 het beroep gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar vernietigd, de rentebeschikking verhoogd tot het reeds vastgestelde bedrag van € 34, de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van immateriële schade tot een bedrag van € 778, de Minister voor Rechtsbescherming veroordeeld tot vergoeding van immateriële schade tot een bedrag van € 222, het verzoek tot schadevergoeding voor het overige afgewezen, de inspecteur veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende ten bedrage van € 786,75, gelast dat de inspecteur het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 170 aan deze vergoedt en beslist dat, voor zover de immateriële schadevergoeding, de proceskostenvergoeding en/of de vergoeding van het griffierecht niet tijdig wordt betaald, de wettelijke rente daarover is gaan lopen vier weken na de datum waarop de uitspraak door de rechtbank is gedaan. De rechtbank heeft de weigeringsbeslissing zoals genomen bij tussenuitspraak van 28 januari 2020 in de uitspraak gelast.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee23fa39bb45aca98508d97e5cf7ae7a5ca4a4e4f7f9d14967a0c9501c5a2e77. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee23fa39bb45aca98508d97e5cf7ae7a5ca4a4e4f7f9d14967a0c9501c5a2e77, en de alinea staat in dat document op bytes 18688 tot 19952.