Citaat | Hoge Raad 31 december 1920
Alinea 31 Hoge Raad 31 december 1920
Een alinea uit Hoge Raad 31 december 1920, ECLI:NL:HR:1920:91.
dat immers het Hof niet alleen heeft onderzocht, wie, in geval van schuld aansprakelijk moest worden gesteld, maar evenzeer of hier schuld aanwezig was, en evenmin de eischeres in cassatie met bewijs heeft belast, doch enkel - na, op grond van de door het Hof als vaststaand aangenomen feitelijke gegevens, het door de oorspronkelijke eischers bij dagvaarding gestelde als bewezen te hebben aangenomen, heeft beslist, dat, in verband met de bijzondere zorg, die de mijnexploitant heeft in acht te nemen, de feiten, door de Naamlooze Vennootschap te bewijzen aangeboden, ook al kwamen zij vast te staan, het reeds van de andere zijde geleverde bewijs niet zouden vermogen te ontzenuwen;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e77171d2297b13bc3ed5bf302da23af5069927f82658e843c504bcbeffea6d3b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e77171d2297b13bc3ed5bf302da23af5069927f82658e843c504bcbeffea6d3b, en de alinea staat in dat document op bytes 11922 tot 12620.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e77171d2297b13bc3ed5bf302da23af5069927f82658e843c504bcbeffea6d3b | shasum -a 256