Citaat | Hoge Raad 24 januari 1936

Alinea 27 Hoge Raad 24 januari 1936

Een alinea uit Hoge Raad 24 januari 1936, ECLI:NL:HR:1936:2.

e. omdat, waar vaststaat, althans door de Rechtbank niet is weerlegd, dat de bedoelde vennootschap tusschen requestrant en [betrokkene 2], die onder den naam Ln. [A] handel dreef, in leven is geroepen in of na 1930 ( nadat [gerequestreerde] in dat jaar zijne zaak was gaan voeren), terwijl door de Rechtbank is overwogen, dat [betrokkene 3] reeds op 16 April 1923 is overleden, de handelsnaam van bedoelde in of na 1930 gestichte vennootschap niet in den zin van art. 3 der handelsnaamwet kon aanduiden, dat haar handelszaak geheel of gedeeltelijk aan [betrokkene 3] zou toebehooren, vermits deze ingevolge van het bezigen van diens naam door bedoelde vennootschap in 1930 of daarna niet aangemerkt kon worden als eigenaar of mede-eigenaar der bedoelde handelszaak;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae0f0dea8df819ee768f320561e6ad9351965955b6ae91e6e9c1bb04da3c2485. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae0f0dea8df819ee768f320561e6ad9351965955b6ae91e6e9c1bb04da3c2485, en de alinea staat in dat document op bytes 11936 tot 12715.