Citaat | Hoge Raad 3 mei 1946
Alinea 16 Hoge Raad 3 mei 1946
Een alinea uit Hoge Raad 3 mei 1946, ECLI:NL:HR:1946:4.
‘’dat evenwel, vóórdat deze grieven in behandeling kunnen komen, dient te worden onderzocht of, indien [verweerder] jegens de N.V. [A] wanpraestatie heeft gepleegd, [verweerder] daardoor een onrechtmatige daad tegenover den Staat heeft begaan, welk punt de Rechtbank onbesproken heeft gelaten;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b0152cbc4ee0536a2e46bbfb37443f6eec28a03f8a94f8648201ef82061e7ce5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b0152cbc4ee0536a2e46bbfb37443f6eec28a03f8a94f8648201ef82061e7ce5, en de alinea staat in dat document op bytes 8061 tot 8373.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b0152cbc4ee0536a2e46bbfb37443f6eec28a03f8a94f8648201ef82061e7ce5 | shasum -a 256