Citaat | Hoge Raad 3 mei 1946

Alinea 30 Hoge Raad 3 mei 1946

Een alinea uit Hoge Raad 3 mei 1946, ECLI:NL:HR:1946:4.

dat, naar hetgeen is gesteld, de bijzondere omstandigheden, die te dezen het geval kenmerken, zijn: 1. dat [verweerder] wist of behoorde te weten, dat indien hij aan zijn leveringsverplichting jegens [A] niet zou voldoen, deze voor de uitvoering van het isolatiewerk was aangewezen op veel duurder vervangingsmateriaal en de Staat krachtens overeenkomst met [A], in dat geval verplicht zou zijn 85% of meer van deze hoogere kosten aan [A] te vergoeden; 2. dat [verweerder], desniettegenstaande desbewust contractbreuk heeft gepleegd door het voor de levering aan [A] bestemde materiaal aan een derde te verkoopen, zich aldus in de onmogelijkheid stellende om de verbintenis jegens [A] te voldoen; 3. dat [verweerder] dit deed, omdat de verkoop van het betreffende materiaal aan een derde hem meer voordeel opleverde dan het gestand doen van de met [A] gesloten overeenkomst;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b0152cbc4ee0536a2e46bbfb37443f6eec28a03f8a94f8648201ef82061e7ce5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b0152cbc4ee0536a2e46bbfb37443f6eec28a03f8a94f8648201ef82061e7ce5, en de alinea staat in dat document op bytes 15002 tot 15889.