Citaat | Hoge Raad 26 mei 1950
Alinea 37 Hoge Raad 26 mei 1950
Een alinea uit Hoge Raad 26 mei 1950, ECLI:NL:HR:1950:12.
II. Schending en verkeerde toepassing van de artikelen 1373, 1902, 1903, 1932 Burgerlijk Wetboek, 46, 48,59, 125g, 199, 200 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, omdat de Rechtbank het bewijsaanbod van [eiser] passerende hem niet in de gelegenheid heeft gesteld zijn stellingen, dat [verweerder] bekend was met de verborgen gebreken -- en subsidiair, dat [verweerder] voor den verkoop uitdrukkelijk aan [eiser] heeft medegedeeld, dat de oven nieuw was en goed geconstrueerd -- te bewijzen, ten onrechte, daar het feit of [verweerder] al dan niet bekend was met de verborgen gebreken van beslissenden invloed is op de aansprakelijkheid van [verweerder] die zich op de contractuele uitsluiting van alle vrijwaring behalve die van uitwinning alleen kan beroepen, indien hij de gebreken niet heeft gekend -- subsidiair te goeder trouw heeft gehandeld --; "
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e689df3e974017e01be538941c4b6875f31ac409ceb5db590a4d5d26ff801956. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e689df3e974017e01be538941c4b6875f31ac409ceb5db590a4d5d26ff801956, en de alinea staat in dat document op bytes 11738 tot 12607.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e689df3e974017e01be538941c4b6875f31ac409ceb5db590a4d5d26ff801956 | shasum -a 256