Citaat | Hoge Raad 27 april 1955

Alinea 13 Hoge Raad 27 april 1955

Een alinea uit Hoge Raad 27 april 1955, ECLI:NL:HR:1955:AY2476.

dat de Inspecteur ter bestrijding van dit betoog en ter rechtvaardiging van de onderhavige aanslag tot navordering stelt: dat bij een in October 1953 door de afdeling controle van de Inspectie der Belastingen ingesteld onderzoek is gebleken, dat een bruto-winstpercentage als door belanghebbende beweerdelijks in haar zaak gemaakt, onaanvaardbaar is; dat de primitieve aanslag is vastgesteld op het in de aangifte vermelde inkomen, welke aangifte, zowel als de overgelegde stukken bij het vaststellen van de aanslag een dermate verzorgde indruk maakten, dat tot een speciaal onderzoek geen aanleiding bestond, terwijl evenmin bijzondere omstandigheden aanwezig waren, die toen een onderzoek wenselijk en raadzaam maakten, zodat van een aan een navorderingsaanslag in de weg staand ambtelijk verzuim niet heeft plaats gehad;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/beb2bede0f6077cfc1ef226b146bbbf8a386573da0b2ae4b7649ba77d31c6188. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt beb2bede0f6077cfc1ef226b146bbbf8a386573da0b2ae4b7649ba77d31c6188, en de alinea staat in dat document op bytes 5768 tot 6605.